Voor de beste ervaring schakelt u JavaScript in en gebruikt u een moderne browser!
EN

De ouders van kinderen met veel gaatjes zijn gemiddeld strenger en negatiever dan ouders van kinderen zonder gaatjes. Dat blijkt uit onderzoek van tandheelkundige Maddelon de Jong-Lenters, die onder meer video-opnames van ouder-kind-interactie analyseerde. Woensdag 14 september promoveert ze bij de Universiteit van Amsterdam.

In haar kindertandartspraktijk viel het De Jong-Lenters op dat de ouders van kinderen met flinke gebitsproblemen hun kinderen vaak net iets anders benaderen dan andere ouders dat doen. ‘Ik kon er niet precies de vinger op leggen waarin de interactie afweek, maar besloot grondig te onderzoeken of opvoedstijl en gebitsgezondheid samenhangen.'

Commentaar

In samenwerking met TNO nam De Jong-Lenters vragenlijsten af bij ouders en legde ze de interactie tussen ouders en kinderen vast op video. Voor die videoregistraties selecteerde ze 28 kinderen tussen de 5 en 8 jaar die vier of meer gaatjes hadden. Daarnaast stelde ze een even grote controlegroep samen van kinderen die geen gaatjes hadden. Ieder kind voerde zeven opdrachten uit, samen met de ouder die het grootste deel van de opvoeding voor zijn rekening neemt, terwijl het duo werd gefilmd. Ze tekenden bijvoorbeeld samen een huis, probeerden een oplossing voor een zelfbedacht probleem te bedenken, of maakten een plan voor een uitje in het weekend.

Analyse van de beelden door wetenschappers die niet wisten hoeveel gaatjes het kind in kwestie had, liet zien dat de ouders van kinderen met veel gaatjes minder uiting geven aan positieve betrokkenheid, hun kind minder positief bekrachtigen. ‘Die kinderen krijgen vaker commentaar op wat ze niet goed doen dan complimenten voor wat ze wel goed doen. En bij zo'n tekenopdracht was de ouders bijvoorbeeld eerder geneigd het potlood ter hand te nemen, dan het kind eerst zelf te laten proberen.’

Opvoedtips

De Jong-Lenters is enthousiast over haar bevindingen. ‘Het maakt niet uit of je rijk bent of arm, Nederlands of Turks, vader of moeder, we zien dat een positieve opvoedstijl verband houdt met een gezond gebit. En iedereen kan leren om positief op te voeden.’ In vervolgonderzoek wil de tandarts bekijken of opvoedtips in de tandartspraktijk kunnen bijdragen aan gezondere kindergebitten. ‘We zien nu dat er een relatie is tussen een positieve opvoedstijl en mondgezondheid, maar weten nog niet hoe die relatie precies werkt. Voelen de kinderen van positieve ouders minder weerstand om te poetsen? Of zijn de ouders van brave, tandenpoetsende kinderen minder gefrustreerd en daardoor positiever? Dat willen we nu in kaart brengen.’

Als opvoedtip kan ze ouders bijvoorbeeld uitdagen nooit meer 'nee' te zeggen tegen hun kinderen. 'Vragen ze om een snoepje? Zeg dan: 'Ja lekker hè! Die mag je straks, na het eten.' Vaak hoor je een kind er dan de hele middag niet meer over.’

Naast een relatie tussen opvoedstijl en gebitsgezondheid, ontdekte De Jong-Lenters aan de hand van vragenlijsten ook dat tandproblemen vaak samengaan met gedragsproblemen. Daarom hoopt ze dat haar interventiestudie doorwerkt op dat vlak. 'Ik hoop dat een positieve benadering door ouders zich snel terugbetaalt in plezieriger interactie rondom tandenpoetsen, snoepgedrag en andere opvoedzaken.'

Promotiegegevens

Mw. M. Lenters: Just Add Positivity? Dental Caries, Obesity and Problem Behaviour in Children: the Role of Parents and Family Relations. Promotor is prof. dr. C. van Loveren en prof. dr. G.H.W. Verrips. Copromotor is dr. A.A. Schuller (RUG).

Tijd en locatie

De promotie vindt plaats op woensdag 14 september, 11.00 uur
Locatie: Aula van de UvA, Singel 411, Amsterdam.

Lees het promotiebericht